IMA analyseert ereloonsupplementen in ziekenhuizen

Patiënten betaalden in 2015 ruim 531 miljoen euro aan ereloonsupplementen tijdens een ziekenhuisopname. Sinds 2006 steeg deze massa gemiddeld met 6,5 % per jaar, wat ruim 2,55 keer sneller is dan de toename van de erelonen zelf. Dat blijkt uit een analyse van het Intermutualistisch Agentschap (IMA) ter voorbereiding van de supplementendiscussie in de Medicomut.

Vooral de grote concentratie van de aangerekende ereloonsupplementen valt op:

  • Aantal verblijven. Ereloonsupplementen worden enkel aangerekend in eenpersoonskamers goed voor 21 % van de verblijven.
  • Aantal prestaties. Ereloonsupplementen worden maar in 12 % van de opnames aangerekend, ook in eenpersoonskamers zien we dat in 49 % van de gevallen geen ereloonsupplementen worden aangerekend.
  • Aantal specialisten. Lang niet alle specialisten rekenen evenveel supplementen aan. Er zijn grote verschillen tussen de disciplines. Anesthesisten, gynaecologen en chirurgen springen eruit.
  • Aantal zorgverleners. 10 % van de zorgverleners is goed voor 45 % van de aangerekende supplementen. 11 % vraagt geen enkel supplement.
  • Aantal ziekenhuizen. 50 % van de massa aan ereloonsupplementen wordt gefactureerd door 19 ziekenhuizen (op 102), goed voor 32 % van de bedden.
  • Aantal patiënten. Chronische patiënten die 8 % van de populatie vertegenwoordigen zijn goed voor 27 % van de patiënten met de hoogste supplementen.

De studie sterkt de Socialistische Mutualiteiten in hun eis om komaf te maken met ereloonsupplementen en te evolueren naar een meer billijke en solidaire financiering.